Het is inmiddels een beproefd ritueel in de lokale politiek: we hebben een gigantisch probleem (woningtekort), we bestellen een peperduur onderzoek, en vervolgens viert de raad feest omdat het rapport zo prachtig in de prullenbak past.
Duur bureaucratisch proza over de Oisterwijkse woningmarkt
Afgelopen week mochten onze volksvertegenwoordigers zich buigen over het Rekenkameronderzoek ‘Sturen met inzicht’. De gemeenteraad had vooraf eigenlijk maar één simpele, menselijke vraag: “Hoe ziet de woningmarkt eruit en hoe kunnen we huizen bouwen?” Maar de Rekenkamer – gezegend met een allergie voor concrete antwoorden – kwam terug met een dik pak bureaucratisch proza over ‘bestuurlijke sturingsmechanismen’, ‘beleidsmogelijkheden’ en ‘samenwerkingsvormen’. Kortom: een hoop dure woorden om te verhullen dat er nog steeds geen paal in de grond slaat.
De behandeling in de raad deze week was een democratisch hoogtepuntje van jewelste. De meerderheid van de fracties wilde het rapport het liefst als ‘hamerstuk’ afhameren. Want waarom zou je immers praten over het woningtekort? Dat raakt de inwoners toch amper, nietwaar? De weinige partijen die wél wilden praten, hielden het beschaafd en vroegen schuchter om een ‘woningmonitor’. Een chique woord voor: mogen we alsjeblieft weten hoeveel huizen we eigenlijk hebben?
Wethouder Potters schuift het rapport geruisloos terzijde
Wethouder Potters voerde daarna een perfecte politieke transformatie uit. Eerst bedankte hij de Rekenkamer hartelijk voor het ‘uitstekende’ onderzoek, om vervolgens in dezelfde adem uit te leggen dat het rapport direct de bureaulade in kan. Waarom? Omdat we het in Oisterwijk supergoed doen! De ‘woningbouwversnelling’ is namelijk al ingezet (al merkt niemand daar nog iets van) en die woningmonitor bestaat al lang. Dus niet zo zeuren, lieve raadsleden.

“Niet aardig” tegen de Rekenkamer, wel pijnlijk voor de burger
Het absolute hoogtepunt – of dieptepunt, net hoe je het bekijkt – werd ontlokt door Marieke Dujardin (Algemeen Belang). Zij vroeg dapper of dit rapport nog een aanvulling was op alles wat er al lag. Het antwoord van wethouder Potters was een schoolvoorbeeld van politieke poëzie: “Om nou te zeggen dat het rapport overbodig is, is niet aardig. Dus zeg ik maar dat het ondersteunend is aan de weg die we al zijn ingeslagen.”
En zo hebben we er een nutteloos rapport bij
Vrij vertaald: het is volstrekt nutteloos, maar we willen de onderzoekers niet aan het huilen maken. De raad knikte instemmend en zweeg. Dat er zojuist duizenden euro’s aan belastinggeld waren stukgeslagen op een rapport dat rechtstreeks de papierversnipperaar in ging? Ach, dat zal onze raadsleden werkelijk worst zijn. Het is immers niet hún geld.
En zo hebben we er weer een prachtig dossier bij. Het zoveelste bewijs dat politici dol zijn op het bestellen van peperdure onderzoeken, zonder vooraf te weten wát ze willen weten, en zonder achteraf te snappen wat ze ermee moeten doen. Maar we hebben in elk geval weer een rapport. Proost, op de woningmarkt!
Disclaimer: De inhoud kan sporen van gezond verstand bevatten. Of juist niet. Oordeelt u vooral zelf.


